Handleiding Jongeren- BeginBeeldinstrument Het BeginBeeld opmaken Het deel beginbeeld (deel 1 van...

download Handleiding Jongeren- BeginBeeldinstrument Het BeginBeeld opmaken Het deel beginbeeld (deel 1 van het

of 94

  • date post

    02-Aug-2020
  • Category

    Documents

  • view

    0
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Handleiding Jongeren- BeginBeeldinstrument Het BeginBeeld opmaken Het deel beginbeeld (deel 1 van...

  • Handleiding

    Jongeren- BeginBeeldinstrument

    inle idin

    g

    ass ess

    men tsit

    uat ies

    rap por

    ter en e

    n co mmu

    nice ren

    tips voo

    r de lee

    rkr acH

    t

    BiJl age

  • inleiding

  • 3Leerkracht - inleiding - JBI

    1. acHtergrond

    1.1 Beginbeeld: schematisch overzicht

    Het schematische overzicht hieronder toont de verschillende luiken van het Jongeren Beginbeeld In- strument en hoe die bijdragen tot de doelstellingen ervan. De vier luiken en de vier doelstellingen worden verderop in de handleiding nader toegelicht.

    luik Wat doel DEEL 1 beginbeeld

    Talentenboekje (vragenlijsten & zelf- inschatting) vragenlijsten: • sterktes & zwaktes • voorkeuren • toekomst • wie ben ik? • hoe sta ik tegenover de school? • talenten

    • afstemming school op leerling (ondersteuning/ oriëntatie)

    • inzicht bieden aan leerling zelf / de leerling een stem geven

    • vorderingen opvolgen

    Geïntegreerde opdrachten • Inschatting rond talig functioneren,

    wiskundig functioneren, technolo- gisch functioneren of muzisch functioneren

    • inzicht in de begincompetenties van leerlingen

    Assessmentsituaties & sleutelcompe-situaties & sleutelcompe- tenties observeren

    • afstemming school op leerling (on- dersteuning/ oriëntatie)

    • vorderingen opvolgen

    Achtergrondkenmerken • afstemming school op leerling (ondersteuning/ oriëntatie)

    DEEL 2 communicatie

    Richtlijnen voor het opzetten van communicatie niet alleen tussen de school en haar leerlingen, maar ook tussen de school en de ouders Voorbeeld van registratie van de gegevens

    • communicatie bevorderen

    DEEL 3 ondersteuning leerkracht

    Adviezen, richtlijnen, concrete voorbeelden van ondersteuning en begeleiding op maat van de leerlingen (gekoppeld aan hun beginbeeld)

    • afstemming van school op leerling (ondersteuning/ oriëntatie)

    DEEL 4 ondersteuning leerling

    Ondersteuningstips voor leerlingen • inzicht bieden aan de leerling zelf • de leerling een stem geven

    1.2 Beginbeeld: wat en waarom?

    Met dit instrument kan de school bij het begin van het eerste jaar secundair onderwijs haar leerlingen breed en diepgaand screenen wat hun startcompetenties, hun voorkeuren en perspectieven en hun doelvaardigheden betreft. Dat brede en diepgaande beeld wordt samen opgebouwd door de leerling en de leerkrachten. Daarnaast biedt het beginbeeld instrument de mogelijkheid om de bevindingen en resultaten als basis te gebruiken voor geïndividualiseerde leerlinggerichte acties. De gegevens die worden verworven uit dit instrument én de opvolging van deze gegevens zijn een belangrijke hefboom voor het bevorderen van gelijke onderwijskansen. Het onderwijsaanbod kan hier- door immers nog beter worden aangepast aan de behoeften en noden van individuele leerlingen en

  • 4Leerkracht - inleiding - JBI

    groepen van leerlingen. Het uiteindelijke doel van het beginbeeld is de ontwikkeling en het leerproces van de leerling te onder- steunen en bij te sturen waar nodig en de leerling zo tot meer leren te brengen. Het in beeld brengen van de (start)competenties is echter niet voldoende, het is slechts een startpunt dat de communicatie tussen leerling en school en tussen school en ouders tot stand brengt. Het is tevens een uitgangspunt om de leerinhouden en werkvormen aan te passen aan de groep leerlingen en aan elke individuele leerling. Het aanpassen aan de groep leerlingen impliceert geen normverlaging. Het veronderstelt wél een principiële bereidheid om als school te reflecteren over het eigen handelen, en de resultaten van deze reflectie in de praktijk om te zetten. Het streven naar verandering ten goede is de essentie van een gelijke kansenbeleid.

    Is er geen intentie om reflectie om te zetten in praktijk, dan heeft het in beeld brengen van de start- competenties geen zin.

    Het beginbeeld instrument bestaat uit vier delen: een deel ‘beginbeeld’ waarin de leerling zichzelf, zijn/haar voorkeuren en zijn/haar

    capaciteiten in kaart brengt. Hierbij geeft de leerling eerst een zelfinschatting van zijn voorkeuren, talenten, motivatie en interesses (talentenboekje). Vervolgens bekijkt hij/zij een reeks opdrachten die hij/zij eerst beoordeelt op vlak van moeilijkheid en daarna uitvoert. Dan is het de beurt aan de leerkracht(en) om de leerling en zijn competenties te inventariseren. In een assessmentsituatie zal de leerkracht de competenties van de leerling kunnen observeren.

    een deel ‘communicatie’ waarin duidelijk wordt gemaakt aan leerkrachten en scholen op welke manier zij het best over de resultaten van het beginbeeld kunnen communiceren.

    een deel ‘ondersteuning leerkracht’ waarin wordt aangegeven op welke manier scholen het best kunnen omgaan met de resultaten van de beginbeeldanalyse en op welke manier het reguliere onderwijsaanbod het best kan worden afgestemd op de diagnoses van de individuele leerlingen en klasgroepen.

    een deel ‘ondersteuning leerling’ waarin tips worden aangereikt hoe leerlingen met de gegevens van JBI verder aan de slag kunnen gaan.

    Het beginbeeldinstrument is bruikbaar voor alle scholen die willen experimenteren met of voortbouwen op principes van competentieontwikkelend onderwijzen en evalueren, en die een brede kijk willen op de capaciteiten van de leerlingen. Het instrument is niet geschikt voor leerkrachten en scholen die louter cognitieve competenties (kennis) willen screenen. Hiervoor zijn andere screeningsinstrumenten beter geschikt.

    Het beginbeeldinstrument heeft een viervoudig doel: Het wil zorgen voor een betere afstemming van de school op de noden en verwachtingen van

    leerlingen. Het brede beginbeeld van de leerlingen kan ertoe leiden dat de school een beter begeleidings- en ondersteuningsbeleid uitwerkt, zowel voor individuele leerlingen als voor klasgroepen.

    Het wil de leerling inzicht geven in waar hij/zij staat, wat zijn/haar sterktes en zwaktes zijn en hoe hij/zij zijn/haar competenties beter kan ontwikkelen. Tevens geeft het beginbeeld een stem aan de leerling: wat heb ik van de school nodig, hoe zal de school mij kunnen helpen?

    Het wil permanente communicatie op gang brengen tussen school en leerling en ook tussen school en ouders.

    Het wil vorderingen opvolgen. Het instrument kan namelijk op latere tijdstippen aangevuld worden met nieuwe informatie, die via veel en verschillende soorten competentieontwikkelende evaluatievormen verkregen wordt. Op deze manier wordt het beginbeeld gebruikt om vorderingen, evoluties en effecten in kaart te brengen.

  • 5Leerkracht - inleiding - JBI

    2. Het BeginBeeld opmaken

    Het deel beginbeeld (deel 1 van het JBI) bevat vier rubrieken waarvan drie (het talentenboekje, de geïntegreerde opdrachten en de assessmentsituaties) worden afgenomen bij de leerlingen en één (achtergrondkenmerken) wordt samengesteld uit het schooldossier.

    2.1. JBI: organisatorisch Het beginbeeld is bedoeld voor alle leerlingen die in het eerste jaar SO instromen. De meest ideale periode om het beginbeeld op te maken is tijdens de eerste week of eerste twee weken van het schooljaar of tijdens de introductiedagen. Het lijkt ons aangewezen deze taak toe te vertrouwen aan de klastitularissen. De volledige duur van de afname van het instrument is afhankelijk van het aantal leerlingen op de school en van de keuze van de assessmentsituaties.

    2.2. Verschillende onderdelen binnen het JBI

    Het talentenboekje

    Jongeren beantwoorden achtereenvolgens volgende vragen: Waar ben ik goed in? Wat doe ik het liefst? Wat wil ik met mijn studies? Wie ben ik? Hoe sta ik tegenover de school?

    De leerling-vragenlijsten peilen naar hoe de leerling zijn/haar toekomst ziet en wat zijn/haar voorkeuren en talenten zijn. Het zijn eenvoudige open vragen die toch tot nadenken aanzetten. De vragenlijsten en de zelfinschattingen garanderen dat de leerling zelf een belangrijke plaats krijgt in de opbouw van het beginbeeld van zichzelf. Het geeft aan hoe de leerling zijn eigen competenties inschat.

    Geïntegreerde opdrachten Jongeren worden aan de hand van een geïntegreerde proef bevraagd naar hun competenties op

    verschillende vakken (taal, wiskunde, technologie en artistiek functioneren ). Er worden drie gelijkaardige proeven aangeboden. Het is de bedoeling hieruit één te kiezen om uit

    te werken. De drie proeven zijn :

    een fuif organiseren de school Yiha ontwerpen een quiz opstellen

    Leerlingen schatten zichzelf in vooraleer ze beginnen. De zelfinschatting gaat na waar de leerling staat betreffende vier functionele competenties (logisch-abstract denken, taalvaardigheid, technologie, artistiek functioneren). Eerst krijgt de leerling – via de leerkracht – een aantal situaties uit het dagelijkse leven waarbij de betreffende competentie moet ingezet worden. Hierdoor krijgt de leerling een duidelijk beeld van wat de competentie inhoudt. Daarna krijgt hij/zij een aantal situaties voorgeschoteld waarbij hij/zij die competentie moet gebruiken. Het is dan aan de leerling om in te schatten hoe goed hij/zij een taak zal kunnen. Deze inschatting gebeurt door een balkje in te kleuren en zo aan te geven waar hij zichzelf situeert op een schaal van vier. Nadien moet hij/ zij de opdrachten ook effectief uitvoeren. Het resultaat van de opdracht wordt gescoord en wordt gekoppeld aan de resultaten van de zelfinschatting. Met de overeenkomsten en verschillen tus