Jaarbericht 2009

Click here to load reader

  • date post

    07-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    215
  • download

    0

Embed Size (px)

description

jaarbericht 2009

Transcript of Jaarbericht 2009

  • Jaarbericht 2009

  • Jaarbericht 2009Bureau Spoorbouwmeester

  • Voorwoord

    Op 1 januari 2009 begon ik aan mijn eerste jaar als Spoorbouwmeester. In de ruim anderhalf jaar die inmiddels zijn verstreken, heb ik met een geweldig team aan diverse grote opgaven gewerkt. Het werk is bijzonder divers en uitdagend. Daarnaast markeert juist deze tijd een moment van omschakeling, hetgeen de functie van Spoorbouwmeester alleen maar interessanter maakt. We gaan van een toetsende naar een meer inspirerende rol. Ondertussen verbreedt ook de opgave zich. We staren ons niet meer blind op het station alleen. Hoe langer hoe meer zien we in dat de gehele spooromgeving van invloed is op de beleving en de kwali-teit van de reis. Dit betekent dat we toewerken naar een andere focus, waarbij niet alleen het station centraal staat maar de gehele route. Zo kunnen we een enorme slag maken: van de inpassing van het station in de omgeving, de relatie tussen spoor en landschap, de kunstwerken en de beleving van de gehele route.In de afgelopen periode zijn de eerste stappen op weg naar deze verbreding en herpositionering gezet. Een belangrijk moment is het gereedko-men van Het Stationsconcept. Het markeert een omslag in denken, met aanzien-lijk meer nadruk op de aspecten kwaliteit en beleving. Daarnaast merk ik ook dat mijn bewuste zoektocht naar meer samenwerking met NS en ProRail zn vruchten begint af te werpen. Partijen zoeken ons (en elkaar) veel meer op. Bovendien maakt het de samenwerking voor alle betrokken partijen effectiever en meer inspirerend, zeker wanneer het contact in een vroeg stadium wordt gezocht.De komende periode werken we verder aan de verbreding, het inspi-reren en het versterken van de samenwerking. Daarbij gaat het niet alleen om de spoorse partijen, maar ook om het contact met andere betrokkenen: van gemeenten en ministeries tot de Rijksbouwmeester en de Rijksadviseur voor de Infrastructuur met wie reeds een goede werkrelatie bestaat. Binnen ProRail en NS zal de nadruk liggen op het verder uitdragen van het belang van vormgeving en ruimtelijke beleving in projecten. Goede bijeenkomsten en wekelijks overleg zijn daarbij van groot belang.

    In dit Jaarbericht wordt een overzicht gegeven van de rol die ons bureau het afgelopen jaar heeft vervuld binnen de spoorse wereld. Het geeft inzicht in de diversiteit aan werkzaamheden van het bureau en de verschillende vormen van betrokkenheid bij de diverse projecten: van groot naar klein, van concept tot uitvoering. Daarnaast bevat het, in aanvulling op het bovenstaande, een korte vooruitblik. Wat ligt er op stapel? Waar liggen de kan-sen en uitdagingen?

    Ik hoop dat dit Jaarbericht inspireert om ook de komende periode met enthou-siasme verder te werken aan de talloze interessante opgaven op en rond het spoor.

    Koen van VelsenSpoorbouwmeester

    Utrecht, augustus 2010

  • Inhoud

    1 Identiteit en beleving van het spoor

    2 Stations en gebiedsontwikkeling

    3 Spoorerfgoed en kunst

    4 Overzicht projecten

    5 Selecties prijsvragen en aanbestedingen

    6Communicatie en samenwerking

    Inleiding 7

    Vooruitblik 2010 10

    Doelstellingen 2010 11

    Terugblik 2009 14

    Briefinginstrument beeldkwaliteit 14 Stationsconcept 14 Visie Stationsoutillage 14 Cocreatie Stationsoutillage en Proefstation Leiden 15

    Project Spoorzoneontwikkeling 15 Station Centraal 16Nieuwe Sleutelprojecten en Grote stationsprojecten 17

    Monumentenzorg 21 De Collectie 24 Identificatiemissie Indonesi 24 Ontwikkeling Kunstvisie 24

    Toegankelijkheid 25 Prettig wachten 25 Ruimte voor de fiets 25 De OV-fiets 25 Duurzaamheid 26OV-Chipkaart 26iTeam 26Bewegwijzering 27 Rollend Materieel 27 Kunsttoepassing DDZ 27 Project Invisible Colours 27 Kunsttoepassing Tilburg 27 Visie verlichting 27 Tijdelijke stations 30

    Ontwerperselecties 30 Prijsvragen 30 Aanbestedingen 30

    Externe communicatie 31 Samenwerking met NS en ProRail 31 Samenwerking met de Rijksbouwmeester 32 Samenwerking met het College van Rijksadviseurs 32Internationale samenwerking: Watford Steeringgroup 32

    Bureau Spoorbouwmeester 33

  • 6Aan het begin van de twintigste eeuw kende Nederland twee spoorwegmaat-schappijen: de Staatsspoor-wegen (SS) en de Hollandsche Spoorwegmaatschappij (HSM). Beide maatschappijen hadden een eigen (Spoor)bouwmeester. Zij ontwier-pen vooral stationsgebouwen. In 1938 vond de formele fusie plaats tussen de Staatsspoorwegen en de HSM. Zo ontstond de NV Nederlandsche Spoorwegen. Binnen deze nieuwe NV wordt Koenraad van der Gaast wel beschouwd als de eerste bouwmeester nieuwe stijl. Dit omdat Van der Gaast de eerste bouwmeester was die het hele Nederlandse netwerk onder zijn hoede had. Bovendien ontwikkelde hij als hoofd van het architectenbureau van de NS vanaf 1953 een eigen visie op het stationsge-bouw. In 1960 kwam Cees Douma in dienst bij de NS. Onder Van der Gaast was hij tot 1975 als architect verantwoordelijk voor een groot aantal stations. Na diens vertrek gaf Douma vanaf 1975 leiding aan de afdeling Gebouwen, Stedenbouw en Vormgeving bij NS. Naast met architectuur hield hij zich bezig met stedenbouwkundige en landschappelijke vraagstukken, huis-stijlbewaking en monumentenbeleid. In 1990 werd Doumas functie onder invloed van reorganisaties geherwaardeerd tot Bouwmeester NS. Als vormgevingssupervisor van diverse geprivatiseerde bedrijfsonderdelen bewaakte hij vanaf dat moment de corpo-rate identity. Cees Douma bleef in dienst tot 1995. Vanaf het moment van zijn aantreden ontwikkelde het bouwmeester-schap zich van de architect van stations tot een breder gepositioneerde regisseur van ruimtelijke opgaven binnen de spoorom-geving.Na het vertrek van Douma werden de Nederlandse Spoorwegen opgesplitst. In 1995 werd de exploitatie van de stations

    voor het grootste deel bij de NS onderge-bracht. Het beheer en onderhoud van het spoor, de perrons en de transferruimten kregen een plek bij ProRail. Na de split-sing werd in 1996 binnen NS Corporate Commu-nicatie een afdeling Vormgeving opgericht. De Bouwmeester NS werd benoemd tot hoofd. Architectuur was, naast industrile en grafische vormgeving, een van de vormgevingsdisciplines binnen de nieuwe afdeling. In 2001 werd door de directies van NS en ProRail Bureau Spoorbouwmeester opgericht als een onafhankelijk advi-serend orgaan voor beide partijen. Spoorbouwmeester Rob Steenhuis kreeg de leiding. Onder hem werd het Spoorbeeld opgezet en kwam in 2004 de eerste versie van de Spoorbeeld-gids tot stand. Op 1 augustus 2005 nam Nathalie de Vries de functie over van Steenhuis. Onder haar regie kwam onder andere De Collectie tot stand: 50 stationsgebouwen als cultureel erfgoed van de spoorwe-gen in Nederland. Sinds 1 januari 2009 vervult Koen van Velsen de functie van Spoorbouwmeester. Hij zet zich in voor een betere aansluiting van stations op de (stedelijke) omgeving en de betekenis van stations binnen de context. Daarnaast heeft hij veel aandacht voor het ruimtelijk beeld van het gehele spoor, het station als knooppunt en de impact die de spoorin-frastructuur heeft op de omgeving en op de reizigers.

    Korte geschiedenis van de Spoorbouwmeesters

  • 7Bureau Spoorbouwmeester werd in 2001 opgericht op initiatief van NS en ProRail en staat onder leiding van de Spoorbouwmeester. Doel van het bureau is het stimuleren en ontwikkelen van ruimtelijke kwaliteit, identiteit, beleving en ontwerpkwaliteit op en rond het spoor. Bureau Spoorbouwmeester doet dit aan de hand van het Spoorbeeld. Het Spoorbeeld gaat over de lange termijn en is gebaat bij continuteit en constan-te (door)ontwikkeling. Zo kan de identiteit van het Spoor herkenbaar blijven en zich tegelijkertijd voegen in de veranderende maatschappelijke en culturele context en het al eveneens veranderende speelveld van actoren. Het Spoorbeeld dient als instrument om voor de reizigers binnen de gehele spooromgeving herkenbare belevingscondities te scheppen. Met een begrij-pelijke beeldtaal kan de spoorbranche de onderlinge samenhang en de eigen identiteit laten zien. Bij het uitvoeren van haar werkzaamheden en de imple-mentatie van het Spoorbeeld, speelt Bureau Spoorbouwmeester liever geen bepalende of opleggende rol. Samenwerking staat voorop. Zodoende is het Spoorbeeld vooral bedoeld om alle partijen die op, om en aan het spoor wer-ken te inspireren en uit te dagen om tot ruimtelijke kwaliteit, identiteit, beleving en ontwerpkwaliteit te komen.Binnen deze context spelen NS en ProRail nog altijd de hoofdrol. Toch zijn zij niet de enigen die het beeld van het spoor bepalen. Een toenemend aantal vervoerders en concessieverleners speelt eveneens een rol. Daarnaast zijn overheden en private ontwikkelaars een belangrijke partij. Binnen deze dynamiek verdient de kwaliteit van het spoor de volle aandacht. Het spoor heeft immers nog altijd een belangrijke publieke betekenis; n die verder gaat dan de meest efficinte route van A naar B. Dan gaat het om het stationsgebouw, maar vooral ook om de bredere relatie tussen het spoor en de omgeving.Voor Bureau Spoorbouwmeester is vooral een taak weggelegd in het verbinden van de specifieke kwaliteiten met de generieke eisen die ProRail, NS en andere partijen aan het spoor stellen. Daarbij inspireert het bureau ProRail en NS tot een zo helder mogelijke invulling van hun opdrachtgeverschap. Dit in de over-tuiging dat zij samen met andere partijen in staat zijn een gemeenschappelijk belang te onderschrijven en dit te vertalen in heldere programmas van eisen waarbinnen zowel aandacht is voor kwaliteit als budgettering. Voorts is het van belang een heldere koers te varen en een scherp oog te houden voor de kan-sen, belangen en mogelijkheden van de diverse partijen op en rond het spoor. Vanuit deze context zoekt Bureau Spoorbouw-meester naar een goede, inspirerende samenwerking met alle spoorse partijen. Daarbij plaatst het bureau het ruimtelijk